Rondje Brenner, Jaufenpass en Timmels Joch

Rondrit over de mooiste passen tussen Oostenrijk en Italië

 

 

Het wordt een slechte wandeldag in Tirol waar we kamperen bij Wörgl/Itter. Regen, regen en regen heeft de Oostenrijkse radio in de aanbieding. Maar in het zuiden beter weer, dus in de auto en op naar het zuiden.

routekaart Ons reisdoel is Merano in Italië, maar dan wel via een mooie route. (De beschreven rondrit is ongeveer 250km, maar gezien de vele haarspeldbochten niet nauwkeurig aan te geven).

We nemen in de stromende regen eerst de autoweg naar Innsbruck om dan via de Brenner naar Italië over te steken. We hebben de hele dag de tijd zodat we nu eens kiezen voor de 'oude Brenner' die we nog nooit gereden hebben. Dat wordt onze eerste van de drie passen van vandaag.

We zoeken in Innsbruck naar wegnummer 182 en rijden het mooie Wipptal in. Natuurlijk is de route over de autoweg prachtig, maar wie tijd heeft moet zeker ook eens deze oude route nemen. Schilderachtig mooi!

Helaas kunnen we geen foto's maken, de regen valt in bakken omlaag. Desondanks kunnen we genieten van de fraaie route die door het smalle dal kronkelt langs prachtige rotsformaties en door verschillende mooie dorpjes die er nu verzopen bijliggen. En natuurlijk overal onderweg zicht op de imposante autoweg hoog boven ons door het dal. Via Matrei, Steinach en Gries gaan we steeds hoger tot we op 1370m bij het gehucht Brenner het hoogste punt van de Pass bereiken.

Zoals zo vaak merken we ook nu als we via Brennero weer omlaaggaan richting Vipiteno Sterzing, dat het weer aan de andere kant van de pas opknapt. Nog niet helemaal droog, maar wel enige opklaringen zodat we even kunnen oude en nieuwe Brenner naast elkaar uitstappen op de mooiere plekjes. Vlak bij Vipiteno is er ineens een geweldig uitzicht links op de 3132m hoge Pco d. Croce. Zo boeiend, dat we onze afslag naar de Jaufenpass voorbijrijden en dat pas in Campo di Trens merken.

We gaan dus terug en nemen nu wel wegnummer 44 die over de Jaufenpass loopt. Eerst de autoweg oversteken, en dan via veel haarspeldbochten omhoog door een aantal Italiaanse dorpen. Ook hier is het enigszins verlaten op deze sombere dag. Gelukkig zien we een bordje met de melding dat de pas open is, want er zijn geen alternatieve routes richting Merano.

Waar we na de dorpjes in een vlakker deel komen, rijden we deels door dicht beboste stukken die eerder aan de Ardennen doen denken dan aan Italië. Maar mooi is het wel.

Boven de bomengrens aangekomen is het helemaal droog geworden, krijgen we meer uitzicht en kunnen we eindelijk een 'plaatje schieten'.

boven op de Jaufenpass

veel stickers opgeplakt Opvallend van deze pas zijn de brede glooiende dalen zodat het verdere verloop van de weg, die langs de hellingen omhoogloopt, over grote afstanden te zien is. Je ziet waar je over 15minuten langs zult komen. Bij helder weer moet het zeker nog indrukwekkender zijn.

Op het hoogste punt van 2094m is een kiosk/restaurant met parkeerplaats waar we natuurlijk weer even stoppen en in een ijskoude wind het uitzicht bewonderen.

Een picknick buiten is niet te doen, zodat we onze broodjes in de auto opeten tijdens de langzame rit omlaag met veel haarspeldbochten. Regelmatig moeten we even halt houden om de vele koeien op de weg voor te laten gaan.

De weg eindigt in S. Leonardo in Pass waar we linksaf kunnen naar Merano. Door de weersomstandigheden zijn we niet erg opgeschoten en moeten we hier besluiten Merano niet meer aan te doen. We zijn al eerder in Merano geweest en weten dat het een schitterende stad is die je zeker aan moet doen als je van shoppen houdt. Mooie overdekte winkelgalerijtjes, gezellige terrasjes tussen palmbomen rond een parkje midden in deze stad, maar ook leuke architectuur is er te bewonderen. Een bezoek waard.

weer richting Oostenrijk

we beginnen aan de klim van de Timmelsjoch

vele lopen even terug om bij een kudde geiten te kijken Wij gaan dus rechtsaf, terug richting Oostenrijk. Een wat vlakker deel met hier en daar tekenen van industrie tot aan Moso in Pass, maar dan wordt het serieus! Het is klimmen geblazen. En overal de meest fantastische uitzichten op de hier zeer groene dalen en bergen.

Weer een parkeerplaats; even stoppen om het uitzicht te bekijken, en dan even verderop nogmaals stoppen omdat het uitzicht er nog mooier is. Zo gaan we van parkeerplaats naar parkeerplaats omhoog.

In een bocht naar rechts worden we geconfronteerd met een enorme rotswand aan de overkant van het dal. We zien van een afstand hoe onze route daar straks met 'tig' haarspeldbochten langs de steile wand omhoog kruipt.

Vanaf deze afstand lijkt het bijna eng om daar langs te moeten en krijgen we respect voor de mensen die dit zo hebben weten aan te leggen. Tijdens een eerder bezoek aan de Timmels Joch kwamen we van de andere kant omlaag. Toen hadden we niet in de gaten wat ons te wachten stond, maar nu wél.

op elke parkeerplaats wordt gestopt om het steeds mooiere uitzicht te bewonderen

Na het beklimmen van deze wand weer een vlakker deel, met opnieuw overal ruime parkeerplaatsen en de meest mooie uitzichten. De vele regen is hier in de vorm van sneeuw op de bergtoppen rondom ons heen gevallen en zelfs enkele gletsjers zijn nog net zichtbaar onder het wolkendek.

De toppen rondom liggen rond de 3500 tot 3600m, maar die blijven vandaag voor ons verborgen.

we zijn nagenoeg boven op de pass

helaas ligt de top in een wolk. Geen uitzicht en bitter koud In het laatste stukje tot aan de 2509m hoge pas rijden we een wolk binnen. Vergezichten vanaf dit hoogste punt kunnen we dan ook wel vergeten vandaag, zodat ons niets rest dan een foto van het enige object wat er is vast te leggen; Het bordje 'Timmels Joch' waar de drie dames mij blijven aansporen voort te maken met de foto. Het is er stervenskoud.

We zien de vage contouren van hutten en Gasthofen, maar besluiten lager op de pas iets te zoeken waar we meer uitzicht zullen hebben.

Sneeuw ligt er niet, alleen op de weg omlaag komen we op enkele plaatsen sneeuwranden langs de berm tegen. De weg is goed schoongehouden.

Al snel rijden we de wolk weer uit en is er weer enig zicht. De weg omlaag gaat veel geleidelijker via lange hellingen omlaag dan aan de steile Italiaanse zijde. Het zeer ruige gebied, vooral het deel nog boven de bomengrens is adembenemend mooi. Met de mooiste rotsformaties en steeds weer langs wilde beken, die nu vol ijskoud water zitten.

hier zakken we net onder het wolkendek

Rustig zakken we omlaag, weer overal koeien ontwijkend, tot in Sölden waar we in deze toeristische plaats een gelegenheid zoeken om wat te drinken.

In Sölden hoef je er niet lang naar te zoeken. Horeca in overvloed en overal gezellig druk. Dan wordt het tijd om het Ötztal uit te rijden richting Innsbruck.

een laatste pauze bij een ijskoude beek Dit deel kost altijd zeer veel tijd waarop we ons al vaker hebben verkeken. Het is een drukke route en steeds weer door dorpjes met snelheidsbeperkingen, stoplichten en opstoppingen bij kruispunten.

Een van de mooiste dalen in Oostenrijk, maar je moet er geen haast hebben.

Bij het naderen van Öetz begint het opnieuw te regenen. We zitten weer aan de verkeerde kant van de bergen.

Waren we onderweg nog van plan via de autoweg terug te rijden, we kiezen nu alsnog de daaraan parallel liggende 171 tot aan Innsbruck. In zware regenval over een autoweg is geen vakantieplezier en deze route door mooie dorpjes als Silz en Stams is dat wel.

Als het bij Innsbruck donker begint te worden gaan we daar voor het laatste deel naar Wörgl/Itter alsnog via een stukje autoweg. Morgen gaat het weer opklaren horen we over de autoradio. Mooi.....wandelen dus!