JavaScript aanzetten
U heeft JavaScript uit, zet JavaScript aan om de website te gebruiken.
menu

Positie bepalen

timeline Route plannen map Wandelkaarten directions Wegwijzers near_me Het kompas my_location Positie bepalen wb_sunny Het bergweer
Je positie leren bepalen

Kompas - Hoogtemeter - Curvimeter - Stappenteller


In dit hoofdstuk wil ik ingaan op het bepalen van de positie met hulp van het kompas of een combinatie van kompas/hoogtemeter. Daarnaast iets over wat een stappenteller of curvimeter ons kunnen vertellen over onze locatie.

Het kunnen bepalen van je exacte positie kan handig zijn voor de avonturiers onder ons, maar ook voor minder avontuurlijke mensen die gewoon de weg kwijt zijn. Ook gebruik ik het nogal eens als de afstand van de route tegen lijkt te gaan vallen om te bepalen of we nog doorgaan danwel een andere terugweg moeten zoeken. Maar denk ook eens aan een snel opkomend regenfront of onweer. Ook dan kan het van belang zijn te weten hoe ver het nog is tot aan een schuilplek.

Weten waar je precies bent betekent ook weten hoe verder te handelen. Zo kunnen hulpverleners snel ter plekke zijn bij calamiteiten als je exact kunt doorgeven waar je bent gestrand.

Wie nog niet bedreven is in het gebruik van een kompas, kan beter beginnen met het hoofdstuk 'Het Kompas'.


Positie bepalen met het kompas

Aan de hand van een echt voorbeeld zal ik stap voor stap de peilmethode met een kompas uitleggen. In dit voorbeeld lopen we over de bergrug van de Blaser, op het wandelpad ingetekend met een oranje streep op de kaart.

positie bepalen met het kompas

Vanaf de Blaser lopen we richting de 'Weisse Wand', een zwarte route, ook wel een Steig genoemd. Het pad is vaak onduidelijk en moeilijk te volgen, dat wordt ook niet duidelijker door de vele wildsporen naar alle zijden die ons op het verkeerde been lijken te willen zetten.

positie bepalen met het kompas

Na enige tijd het pad gevolgd te hebben begint de twijfel of we nog goed zitten en straks de afdaling niet zullen missen.

Dan wordt het tijd om de positie te bepalen en zekerheid te krijgen.

Het begint met rondkijken. Is er iets markants te zien waar een peiling op gemaakt kan worden?

Hier boven op de bergrug komen dan al snel enkele mogelijkheden in beeld.

Een drietal punten zijn al snel gevonden. (Oranje cirkels op de kaart).

Links de opvallende bergtop van de Serles, meer linksvoor het Maria Waldrast Klooster, en naar rechts valt vooral het Navistal op, een zijdal van het Wipptal.

positie bepalen met het kompas

Nu kunnen we gaan peilen. Eerst richt ik het kompas op de bergtop van de Serles. (Foto 1). Draai dan aan de gradenring van het kompas om de 'N' markering in lijn te brengen met de noordkant van de kompasnaald, en lees dan bij de haarlijn de richting af.

300 graden geeft deze aan.

Daarna is het Klooster beneden ons in de diepte aan de beurt. (Foto 2). Kompas richten en ook hier weer de 'N' van de kompasring naar het magnetische noorden draaien. Dan valt er af te lezen dat het Klooster op 340 graden ligt.

Normaal zijn twee punten voldoende om de positie vast te stellen, maar dat lukt het nauwkeurigst als deze punten verder uit elkaar liggen.

Dat is hier niet het geval met 300 en 340 graden.

positie bepalen met het kompas

Dus neem ik een derde peiling, want hier zijn genoeg mogelijkheden. Daarvoor kies ik het Navistal, maar evengoed had ik een kerk in het stadje rechts onder ons kunnen kiezen. (Foto 3)

Het dal is vrij smal zodat ik gemakkelijk globaal op het midden ervan kan richten. De peiling is 75 graden.

Nu we 300, 340 en 75 graden hebben, kunnen we dat gaan uitzetten op de wandelkaart.

Dat begint met het goed Noord-Zuid richten van de kaart zoals beschreven in het hoofdstuk 'Het kompas'.

Eerst zet ik de peiling van de Serles op de kaart. De kompasring wordt op 300 graden gezet, en de bovenzijde van het kompas in lijn met de bergtop gelegd.

Dan het kompas verschuiven totdat de 'N' op de gradenring samenvalt met het magnetische noorden. Daarbij moet het kompas wel op de bergtop blijven 'liggen'.

Dan kan een lijn worden getrokken vanaf de bergtop tot voorbij het 'oranje wandelpad' op de Blaser. Op die lijn, hier blauw getekend, zitten we dus. (Overigens is het handig om hiervoor een potlood mee te nemen. Achteraf kan het dan weer worden uitgegumd).

positie bepalen met het kompas

Het hoeft nu niet zo te zijn dat we op het snijpunt van de blauwe peiling en het oranje aangegeven pad zijn. We zouden ons best meer links of rechts op de blauwe lijn kunnen bevinden als we ergens een verkeerde afslag hebben genomen.

Daarom wordt ook de tweede peiling op het Klooster uitgezet. De gemeten 340 graden weer op het kompas instellen, en het kompas in lijn brengen met het Klooster op de kaart en het magnetische noorden door de 'N' te laten samenvallen met de kompasnaald. Nu trekken we een tweede potloodlijn.

positie bepalen met het kompas

Het snijpunt valt exact samen op het oranje pad, de positie is dus nauwkeurig bepaald. En... we zitten dus nog op de goede weg!

Desondanks teken ik ook de derde peiling in op de kaart. Deze plaatst ons echter net iets onder de oranje wandelweg. Die afwijking hoeven we ons niet aan te storen, een peiling op een dal is veel onnauwkeuriger dan op een vast punt. Daar zal een klein verschil uit kunnen komen.

positie bepalen met het kompas

De hoogtemeter

Een ander waardevol hulpmiddel is de hoogtemeter. Een hoogtemeter werkt identiek aan een barometer, en heeft in veel gevallen dan ook beide functies.

positie bepalen met hoogtemeter en kompas

Het gaat om verandering van de luchtdruk. Hoe hoger we komen, hoe lager de luchtdruk. De meter vertaalt dit naar 'hoogtemeters'.

Hoogtemeters zijn verkrijgbaar in digitale vorm, steeds minder als analoog klokje. (Foto)

De analoge heb ik heel lang gebruikt, ondanks dat het minder nauwkeurig is af te lezen. Voor het doel wandelen voldoet het echter prima. Het grootste voordeel van analoog? Geen batterijen, dus het doet het altijd!

Digitale zijn er in veel soorten. Als los apparaat of geïntegreerd in het horloge, maar zelfs als onderdeel van een compleet draagbaar weerstation. (Foto onder).

Deze laatste kocht ik onlangs voor nog geen € 15,- bij een grote supermarktketen. Ondanks de lage prijs lijkt het er op dat hij doet waarvoor hij is gemaakt. Welk toestel we ook gebruiken, hoogtemeters werken alleen goed als ze regelmatig worden geijkt.

Dat begint met de barometer die er meestal ook in zit. Om achter de precieze luchtdruk te komen van de woonomgeving, kan het beste op de website buienradar worden gekeken. Daar staan de actuele gegevens per regio.

positie bepalen met hoogtemeter en kompas

Het is slim om af en toe eens te controleren of het nog in pas loopt met de officiële meting, maar verder doen we daar niet veel meer mee.

De hoogtemeter is iets anders. Dat moet continu worden aangepast, in elk geval worden gecheckt bij het begin van de wandeling.

Dit gegeven zal van de wandelkaart moeten komen. Meestal zal de start van de wandeling bij een markante plaats zijn; Een Hütte, een wandelparkeerplaats, of vanuit een dorp of stad. Op elke wandelkaart staan bij deze plekken de exacte hoogtemeters aangegeven. En mocht dat eens niet zo zijn, dan de hoogtemeterlijnen van de kaart lezen om de precieze hoogte te bepalen.

Bij onduidelijkheid starten we eerst met de wandeling en zodra we langs een markant punt komen waarvan de hoogte wel bekend is, ijk ik dan de hoogtemeter. (Dit kan overigens gedurende de wandeldag bij elk markant punt. Zo blijft de hoogtemeter nauwkeurig).


Positie bepalen met kompas en hoogtemeter
positie bepalen met hoogtemeter en kompas

In het voorbeeld over posities bepalen met een kompas, is duidelijk geworden dat er minimaal twee peilingen genomen moeten worden voor een betrouwbare locatie. Een kruispeiling.

Meestal lukt het echter niet om meerdere markante punten te vinden en is er slechts één peiling mogelijk. Dan is de hoogtemeter als aanvulling een uitkomst.

Stel dat we in het eerste voorbeeld alleen het Klooster zouden kunnen zien en daarvan de richting bepalen.

Deze richting kunnen we dan met potlood op de kaart intekenen.

Daarna nemen we onze goed geijkte hoogtemeter en lezen de hoogte af.

Van deze bekende hoogte zoeken we op de kaart naar de bijbehorende hoogtelijn, vaak bruin op de kaart aangegeven, en zoeken een plek waar de hoogtelijn en ons potloodlijntje bij elkaar komen. Zo hebben we toch een redelijk betrouwbare positie gevonden.

Als er helemaal geen peiling is te maken, bijvoorbeeld in dicht bos zonder enig uitzicht, zullen we het alleen met de hoogtemeter moeten doen door te kijken waar de hoogtelijn waarop we lopen het pad kruist. Dit werkt alleen als we ook echt op een duidelijk op de wandelkaart ingetekend pad lopen.


De curvimeter

De curvimeter meet de afstand op een kaart, rekening houdend met de schaal van de kaart. Voor de meting moet de meter op '0' worden gezet, waarna met het kleine wieltje onder de meter 'over de kaart kan worden gereden'. Daarbij de te meten route volgend.

Dan is het een kwestie van aflezen hoe lang de route of het traject is, door de afstand bij de wijzer af te lezen bij de juiste schaal van de wandelkaart. (zie legenda wandelkaarten)

de curvimeter gebruiken

De curvimeter kan ook helpen bij het globaal bepalen van de positie als een peiling niet mogelijk is.

De wandelaar moet dan wel enig idee hebben hoe snel hij doorgaans loopt, en of het afgelegde traject op de normale snelheid of iets sneller danwel langzamer is gegaan.

Bij een wandeltocht met het gezin ligt onze snelheid in vlak of heuvelachtig gebied rond de 4,5Km.

Daaruit vloeit voort dat we na twee uurtjes lopen 9 Km gedaan zouden moeten hebben.

Met de curvimeter kan ik dan vanaf het startpunt 9Km uitmeten. Daar zouden we dan moeten zijn. Als extra check kan dan weer de hoogtemeter worden gebruikt.

Door dit vaker te doen is ook inzicht te krijgen in de gemiddelde afstanden en snelheden die er worden gelopen bij verschillende omstandigheden. Vlak terrein, heuvels of zelfs berggebied.

Zelf gebruik ik de curvimeter alleen thuis of op de camping, en neem deze niet mee in de rugzak. Mijn kompas beschikt over een klein liniaaltje, en dat gebruik ik in deze gevallen om de gelopen centimeters op de kaart te meten en de afstand af te lezen op de legenda van de kaart. De werking is identiek.


Een stappenteller

Zelfs een stappenteller kan helpen om meer duidelijkheid te krijgen over de plaats waar we ons bevinden.

Dat geldt alleen als de stappenteller al langer in gebruik is en er enkele ervaringsgegevens beschikbaar zijn. Zo moet redelijk nauwkeurig bekend zijn welke paslengte de gebruiker gemiddeld heeft.

Wie voor het eerst een stappenteller gebruikt, moet een aantal dingen in programmeren. Onder andere de pasafstand, en dat is nu net de lastigste. Daar is echter gemakkelijk achter te komen. Ga maar eens een stuk wandelen over een trottoir met betontegels van 30x30.

stappenteller als navigatiehulp

Probeer dan onder het lopen af te zetten net voor de rand van een tegel en kijk waar je de andere voet neerzet. Drie tegels ver is 90cm, net geen drie zou kunnen wijzen op 80cm. Probeer dat bij verschillende loopsnelheden, en gebruik dat als pasafstand in de stappenteller.

Daarna kunnen er wandelingen met de stappenteller worden gedaan, het liefst tochten waarvan de totale afstand redelijk nauwkeurig bekend is. Na afloop van de wandeling is dan te zien of de pasafstand moet worden bijgesteld.

Door dit vaker te doen, zul je snel weten wat je doorgaans loopt bij 'normaal tempo' of bijvoorbeeld bij een hoger tempo als je eens alleen bent en lekker doorstapt.

Met de ervaring wordt de meter betrouwbaarder en kan de afgelegde afstand vanaf het startpunt worden gebruikt om de globale positie te bepalen. Gelijk aan het meten met een curvimeter en al of niet in combinatie met een kompaspeiling of hoogtelijn.


arrow_backHome